Dromerige dorpjes met hun kerken, cafés en kop-hals-rompboerderijen. Intieme Elfstedenstadjes. Bossen, meren en gepenseelde luchten die zo uit een meesterwerk lijken geplukt. Ja, het Sint Odulphuspad trekt alle registers open voor de wandelaar en rijgt ruim 260 kilometer provincieschoon aaneen. Hink-stap-sprong langs Friese parels in Waterland van een fonkelend halssnoer.

langs

friese parels

Op verkenning in de
voetsporen van Odulphus

'Oh wat ben ik blij dat ik in Oudega woon, zo lekker dichtbij het water,’ verzucht de jonge vrouw en hop, daar gaat de bal weer, de Aldegeaster Brekken in. In een vliegende beweging gevolgd door haar golden retriever die zich, even doldriest als onvermoeibaar, op de buit stort. En nog een keer. En dan nog eens. Dit is hun moment, aan de boorden van het uitgestrekte meer dat zo mysterieus fonkelt en glinstert op deze namiddag. De late zon lijkt er achteloos met glimmertjes te strooien.

Door water gebroken land

Geen wonder dat dit traject van het Sint Odulphuspad Lux Aeterna is gedoopt, ofwel eeuwig licht. De bij vlagen magische lichtval zorgt voor een schittering op de plas die zo’n 120.000 jaar geleden is ontstaan, tijdens de voorlaatste ijstijd. Het is een paradijselijk plekje, hier aan de brekken. Die naam tref je trouwens vaker onderweg. In feite zijn brekken door dijkdoorbraken of vervening ontstane poelen en daar plukt de waterspor- ter of zwemmer nu mooi de vruchten van. Letterlijk betekent het door water gebroken land en dat is een lyrische omschrijving voor de vele kleine en grotere meren die je veelvuldig in het Friese laagveengebied ziet.

WIE WAS SINT ODULPHUS?

Lopen in de voetsporen van de heilige Sint Odulphus, dat kan op het gelijknamige pad dat een flink aantal parels van Friesland aaneenrijgt. De jonge Odulphus trok in de 9de eeuw vanuit Brabant naar Friesland om de inwoners te kerstenen. De heilige die Apostel der Friezen werd genoemd, bood daarmee houvast, troost en invulling van het leven en liet een diepe indruk achter op zijn volgelingen. In zijn naam werden dan ook vele kloosters en uithoven gesticht die van grote invloed waren op het in cultuur brengen van het Friese land. Veel van die complexen verdwenen, maar het Sint Odulphuspad brengt de nalatenschap weer tot leven.

Mozaïek van waterlopen

Pak je de provinciekaart erbij (en dat is, zie ook de tip verderop, geen overbodige luxe voor verkenners in den vreemde), dan ontvouwt zich in Zuidwest Friesland een door Moeder Natuur en mensenhanden gesmeed mozaïek van waterlopen. Meren van royale omvang met zijarmen naar alle windstreken; sloten, poelen, wielen en, ja, ook brekken dus. Het is dat we nu te voet gaan, maar je kunt hier natuurlijk ook een aardig boottochtje maken. De Aldegeaster Brekken zijn verbonden met De Fluessen en het Heegermeer, nog een paar van die enorme waterpartijen. Friesland heeft er patent op.


Wat ook opvalt onderweg zijn de vele met zorg én onder architectuur gebouwde trafohuisjes in het landschap. Waar het risico op overstroming of hoog water aanwezig was, werden veel van die stenen bouwsels rond de jaren 30 van de vorige eeuw op hoogte, op dijken geplaatst. Hoogspanning wordt er omgezet naar laagspanning en geleverd aan huishoudens en bedrijven. Sommige ogen monumentaal in al hun eenvoud: als je erop let kom je nog de mooiste ontwerpen tegen in het Friese land.

FOTO: ANKERKERK IN OUDEGA

Tip

Als je toch in de buurt bent: check ook even de onorthodoxe bouwdrift van regisseur en theatermaker Pieter Stellingwerf. Even buiten het Friese havenstadje verrijst het bevreemdende bouwwerk dat hij zelf ontwierp. De totstandkoming van deze omgekeerde stelpboerderij (een zogenaamd Upside Down huis) is al in een vergevorderd stadium en trekt veel bekijks.

Pas op: drie Oudega’s

Ze liggen alle drie aan het water: Oudega, Idzega en Sandfirden. Voor de één misschien te verwaarlozen vlekken op de landkaart, maar wie oog heeft voor detail ontdekt dorpjes van een intieme schoonheid. Met niets meer dan nodig is.


Tip! Zorg vooraf wél dat je op het juiste Oudega navigeert. Dat is geen grap; Friesland telt liefst drie (!) Oudega’s en voor je ’t in de smiezen hebt zit je in de gemeente Smallingerland of De Friese Meren. Ook niks mis mee, maar een eind uit de koers voor wie met de benenwagen reist.


'Ons' Oudega is een bekoorlijke kern waarover buiten het seizoen een deken van rust is neergedaald. De camping is verlaten, de jachthaven leeg. De etappe die via Workum naar Hindeloopen voert (17 km) start aan de voet van de Ankerkerk (beter gezegd Ankertsjerke) in Oudega, met z’n torenklok uit 1623 die schuilgaat achter het groene streepjespak. Een plaatje dat dan ook logischerwijs een plek op de monumentenlijst veroverde.


Nog een monument – dat maar nét buiten de wandelroute ligt – is Doris Mooltsje en de moeite van de omweg wel waard.


Deze oudste spinnenkopmolen van Friesland is ook een van de grootste in z’n soort. Een beauty in bedrijf, een flink formaat windmolen die de kleine polders rond de Aldegeaster Brekken bemaalt. De tjasker uit 1790 is liefdevol vernoemd naar een van z’n laatste molenaars, Doris Hoekstra.


Workum en Hindeloopen

Verder op het traject Lux Aeterna etaleren Friese Elfstedenstadjes hun schatten. Workum met z’n aardenwerken gebruiksgoed en de Waag, blikvanger op het centrale, levendige plein waar vroeger boter en kaas werden verhandeld. Nu is het op zonnige dagen één groot terras. Om de hoek wacht de rijke nalatenschap van kunstschilder Jopie Huisman en een keur aan eeuwenoude geveltjes langs de straat, die de bewonderaar een stijve nek bezorgen. Hindeloopen kan er best mee wedijveren, met z’n wereldberoemde schilderkunst die je overal – van naambordjes tot klompen – in terugziet, de wirwar van stegen en bruggetjes, de commandeurshuizen en likhúsjes (kleine woninkjes) ernaast. Neem een mootje vis en mijmer nog wat aan het IJsselmeer.

Pracht en praal

Blauwhuis is onze meest noordelijke bestemming vandaag. Het Sint Odulphustraject Aether (gepenseelde luchten) voert ons in 16 kilometer van Gaastmeer via – het inmiddels vertrouwde! – Oudega naar Blauwhuis. Eindstation: de Sint Vituskerk, met recht de apotheose van een fikse voettocht. De pracht en praal vertaald in hoge, rijk versierde neogotiek staat in schril contrast met het eenvoudige dorpsleven. Nu is het godshuis een niet te missen baken in het landschap, maar ooit stond op deze plek een schuurkerk; een schuilkerk in een tijd dat de rooms-katholieke godsdienst verboden was in Nederland.


In onopvallende bouwsels hielden de roomsen toch hun missen en die werden oogluikend toegestaan. Nadat Napoleon aan de macht kwam mochten de katholieken weer openlijk hun geloof belijden en in 1871 verrees deze imposante kerk. In het rijksmonument herinnert een glas-in-loodtableau aan twee katholieke “helden”: Titus Brandsma en priester Jan Ysbrand Galama. Buiten zorgden rijke boerenfamilies voor in het oog springende grafmonumenten.

LANGEAFSTANDSWANDELING

Deze wandelroute (ruim 260 km) bestaat uit 15 etappes door Zuidwest Friesland, Gaasterland en de Greidhoeke. De tracés voeren door in totaal zeven van de beroemde Friese Elfsteden, door dorpen, bossen en heuvellandschappen, langs meren, kerken en verdwenen kloosters.


Wandelen kan aan de hand van het uitgebreide routeboek met plattegronden die het bestaande wandelknooppuntennetwerk volgen.


De auteurs tippen ook leuke adresjes om te eten, drinken, overnachten of inspiratie op te doen.


www.odulphuspad.nl

Carnaval in het café

Café De Freonskip (Fries voor vriendschap) is een gemoedelijke pleisterplaats pal op de kruising in het dorp en dateert al van 1875. De waard doet graag een boekje open over het oorspronkelijke herenlogement, dat een populaire halteplaats was voor passanten op doorreis naar Sneek. Binnen laafden de mannen zich gretig aan gestookt levenswater, terwijl de paarden buiten konden rusten.

En over laven gesproken; in Blauwhuis, één van de schaarse katholieke enclaves die Fryslân kent, begroet men elkaar nog graag met een welgemeend Alaaf! Want hier wordt jaarlijks uitbundig carnaval gevierd; dan heet Blauwhuis Fyfkesryk en schudt het drinklokaal annex zalencentrum op z’n grondvesten. ‘Drie dagen lang in maart,’ glundert eigenaar Gerard de Wolff en hij wijst op de fotogalerij van Prinsen aan de wand, boven het biljart dat buiten dienst onder een hoogpolig tapijtje rust.

FOTO: DE VASTE BURCHTKERK IN WIJCKEL

De hand van de baron

Op onze derde etappe Wijckel-Balk-Sloten(16 km) maken we kennis met baron Menno van Coehoorn, de in Friesland geboren veldheer en vestingbouwkundige die op strategisch gebied zoveel heeft betekend voor het Noorden en voor de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Wijckel is beslist niet groot, maar ademt de nalatenschap van Van Coehoorn, die hier in 1678 zijn fraaie state liet bouwen: Meerenstein.


Helaas verdween de edelmanswoning uit beeld, maar op deze plek kun je tegenwoordig heerlijk flaneren in het Van Coehoorn- bos. In de Vaste Burchtkerk – met z’n indrukwekkende toren – vind je nog het praalgraf van de man die zijn stempel op veel vestingsteden drukte. Sloten is daar één van. Kleinste van de Friese Elfsteden, maar een pareltje gelijk. Geen wonder dat dit traject Moenia Perlae (stadswallen van de parel) is gedoopt.

Heerlijk autoluw

Wat voor toeristen zo bekoorlijk is aan historische stadskernen als Sloten, is natuurlijk het autoluwe karakter. Langs de Lindengracht, de Kapelstreek, Voorstreek of Heerenwal met z’n idyllische bruggetjes, nostalgische straatlantaarns en eeuwenoude panden kun je prachtige stillevens schieten, zonder ook maar één een auto als dissonant in beeld. Of het moet de wagen van de winterschilder en de aannemer zijn. Dat zijn uitzonderingen. Parkeren doe je buiten de oude kern en die regel geldt zowel voor gasten als eigen inwoners.


Dat de oude vesting goed bewaard gebleven is, merk je wel tijdens een rondwandeling over de oorspronkelijke omwalling. Begin met ontdekken in het oude raadhuis van Sloten, waar behalve de VVV ook Museum Stedhûs Sleat in is gevestigd. De regtkamer op de eerste verdieping geldt als pronkstuk van dit schitterende huis. Vergeet de toverlantaarns op zolder niet; de unieke collectie van oud-inwoner Peter Bonnet spreekt bij jong en oud tot de verbeelding. De toverlantaarn – voorloper van de diaprojector – strooit kwistig met magie in dat kleine Sloten. Maar betoverd waren wij al.

TEKST: JOLANDA DE KRUYF // BRON: NOORDERLAND // FOTO’S: JDK, JAN TIJSMA EN WWW.ABELLEISURE.NL